Regenton aansluiten op regenpijp: Stappenplan & juiste hoogte

Regenton aansluiten op regenpijp

Wil je een regenton aansluiten op de regenpijp? Met een vulautomaat vang je regenwater op zonder dat je de hele regenpijp naar de ton hoeft te leiden. De juiste hoogte van de aansluiting is daarbij belangrijk, omdat overtollig water bij een volle regenton weer via de regenpijp moet kunnen wegstromen.

Welke aansluiting kun je het beste gebruiken?

Een vulautomaat is voor de meeste situaties de handigste oplossing. Dit onderdeel plaats je in of aan de regenpijp en verbind je met een korte slang of buis met de regenton.

Tijdens een regenbui wordt een deel van het water naar de ton geleid. Zodra het water het niveau van de aansluiting bereikt, kan het overtollige regenwater bij een correct gemonteerd systeem verder door de regenpijp worden afgevoerd.

Manier van aansluitenWanneer handig?Overloop
Vulautomaat tussen regenpijpMeeste standaard regenpijpenVia regenpijp
Vulautomaat met boorgatAls je de pijp niet wilt doorzagenVia regenpijp
Regenpijp rechtstreeks naar tonEenvoudige losse opstellingApart regelen
Regenton + afgekoppelde regenpijpAls water ook de tuin in magNaar tuin of infiltratie

Rechtstreeks aansluiten kan dus ook, maar vraagt meer aandacht voor de afvoer van overtollig water. Zonder goede overloop kan een volle ton tijdens een flinke regenbui overstromen.


Dit heb je nodig

Controleer vóór de klus eerst de diameter van de regenpijp. Vulautomaten zijn verkrijgbaar voor verschillende maten en je wilt niet pas na het zagen ontdekken dat jouw exemplaar niet past.

Voor een standaard montage heb je meestal nodig:

  • regenton met deksel;
  • passende vulautomaat;
  • verbindingsslang of afvoerpijpje;
  • regentonvoet of stevige verhoging;
  • rolmaat;
  • waterpas;
  • potlood of stift;
  • geschikte handzaag;
  • eventueel een gatenzaag;
  • schuurpapier;
  • eventueel PVC-lijm.

Controleer altijd de montagehandleiding van jouw vulautomaat voordat je gaat zagen of boren. De benodigde opening en manier van monteren verschillen namelijk per systeem.


Stap 1. Kies een goede plek voor de regenton

Plaats de ton zo dicht mogelijk bij de regenpijp. Hierdoor kun je de verbinding tussen de vulautomaat en de ton kort houden en blijft de installatie overzichtelijk.

Zorg daarnaast voor een vlakke en stevige ondergrond. Een grote regenton wordt behoorlijk zwaar wanneer hij helemaal gevuld is. Een ton van 200 liter bevat alleen aan water al ongeveer 200 kilogram.

Milieu Centraal adviseert een plek in de schaduw. Dat helpt om het water minder snel op te laten warmen.

Zet de regenton hoog genoeg

Een kleine verhoging heeft een praktisch voordeel. Wanneer het kraantje bijvoorbeeld 30 tot 40 centimeter boven de grond zit, kun je makkelijker een gieter eronder zetten.

Gebruik daarvoor een geschikte regentonvoet of een andere stabiele constructie die het gewicht van een volle ton kan dragen. Controleer met een waterpas of de ton recht staat.


Stap 2. Bepaal de hoogte van de aansluiting

Dit is een van de belangrijkste stappen van de hele montage. Zet eerst de regenton definitief op zijn voet en bepaal daarna pas waar de aansluiting in de regenpijp moet komen.

Milieu Centraal adviseert om de uitstroomopening bij de regenpijp even hoog of ongeveer 1 centimeter hoger te plaatsen dan de vulopening van de regenton. Bij een volle ton kan het water dan terug richting de regenpijp lopen.

Gebruik een waterpas om de hoogte nauwkeurig over te brengen naar de regenpijp. Ga niet alleen op het oog af, want enkele centimeters verschil kunnen invloed hebben op de werking van het systeem.

LET OP: bepaal de aansluiting pas nadat de regenton op zijn definitieve verhoging staat. Verplaats je de ton later omhoog of omlaag, dan klopt de eerder bepaalde hoogte mogelijk niet meer.


Stap 3. Teken de regenpijp af

Bekijk nu de handleiding van de vulautomaat. Bij een model dat tussen twee delen van de regenpijp wordt geplaatst, moet meestal een gedeelte uit de bestaande pijp worden verwijderd.

Milieu Centraal gebruikt in zijn stappenplan ongeveer 5 centimeter als voorbeeld. GAMMA gebruikt eveneens 5 centimeter bij zijn stappenplan voor een standaard regenpijp van 80 mm.

Neem die 5 centimeter echter niet automatisch over. Er bestaan verschillende vulautomaten en fabrikanten kunnen een andere uitsparing voorschrijven.

Meet daarom het onderdeel dat je daadwerkelijk gaat monteren. Teken vervolgens rondom de regenpijp duidelijke en rechte zaaglijnen af.


Stap 4. Zaag de regenpijp

Zaag rustig langs de afgetekende lijnen. Probeer beide zaagsneden zo recht mogelijk te maken, zodat de vulautomaat straks netjes tussen de bestaande delen past.

Verwijder na het zagen losse bramen en scherpe randjes. Je kunt de uiteinden hiervoor voorzichtig gladmaken met schuurpapier.

Controleer daarna eerst of de vulautomaat goed past voordat je onderdelen definitief bevestigt. Als je te weinig hebt verwijderd, kun je nog corrigeren. Heb je te veel regenpijp weggehaald, dan wordt dat een stuk lastiger.


Stap 5. Plaats de vulautomaat

Plaats de vulautomaat volgens de instructies van de fabrikant tussen de twee delen van de regenpijp. Bij sommige systemen kun je hiervoor tijdelijk een regenpijpbeugel losmaken om iets meer bewegingsruimte te krijgen.

Zet nog niet direct alles permanent vast. Controleer eerst of de vulautomaat recht zit en of de uitgang richting de aansluiting van de regenton wijst.

Niet iedere verbinding hoeft bovendien verlijmd te worden. Milieu Centraal wijst erop dat sommige regenpijpdelen in elkaar schuiven en dat verlijmen niet altijd gewenst is, omdat je bij een verstopping later moeilijker bij de onderdelen kunt.


Stap 6. Verbind de regenpijp met de regenton

Verbind nu de uitgang van de vulautomaat met de vulopening van de regenton. Hiervoor wordt meestal een korte flexibele slang of een passend afvoerpijpje gebruikt.

Zorg dat de slang niet sterk omhoog loopt en voorkom scherpe knikken. Water moet zonder onnodige weerstand tussen de regenpijp en de regenton kunnen bewegen.

Heeft jouw regenton nog geen opening voor de aansluiting? Gebruik dan de diameter en plaats die de fabrikant voorschrijft. Bij sommige systemen wordt hiervoor een gatenzaag meegeleverd of een specifieke maat voorgeschreven.


Stap 7. Test de aansluiting

Wacht niet op de eerste flinke regenbui om te ontdekken of alles werkt. Test de installatie direct nadat je klaar bent.

Milieu Centraal adviseert om water via de dakgoot of bladvanger door de regenpijp te laten lopen. Controleer vervolgens of het water via de vulautomaat daadwerkelijk in de regenton terechtkomt en of de verbindingen niet lekken.

Controleer tijdens de test:

  • of water naar de regenton stroomt;
  • of de slang nergens lekt;
  • of de vulautomaat stevig zit;
  • of de ton stabiel staat;
  • of de regenpijp goed vastzit;
  • of overtollig water kan worden afgevoerd.

Vul je de ton voor een groot deel met water, controleer dan opnieuw of hij nog waterpas staat. Een verzakkende ondergrond kan de hoogte van de aansluiting veranderen.


Wat gebeurt er als de regenton vol is?

Dit is precies waarom een vulautomaat handig is. Bij een goed geplaatst systeem hoeft het water niet over de rand van de regenton te lopen wanneer deze vol raakt.

Het waterniveau bereikt uiteindelijk de hoogte van de aansluiting. Het extra regenwater wordt vervolgens weer via de regenpijp afgevoerd.

Dit werkt alleen goed wanneer de montagehoogte klopt en de regenton niet later verzakt. Controleer de opstelling daarom af en toe, vooral wanneer de ton op tegels of een andere ondergrond in de tuin staat.


Regenton aansluiten zonder de regenpijp door te zagen

Wil je liever geen compleet gedeelte uit de regenpijp halen? Er bestaan ook vulautomaten waarbij je met een gatenzaag een opening in de zijkant van de regenpijp maakt.

Een voorbeeld is een vulautomaat die via een geboorde opening regenwater opvangt en naar de ton leidt. Er zijn modellen voor verschillende diameters, waarbij sommige systemen geschikt zijn voor regenpijpen van ongeveer 70 tot 110 mm.

De montage werkt daardoor anders dan bij een vulautomaat die tussen twee afgezaagde stukken regenpijp wordt geplaatst. Volg hierbij altijd de meegeleverde boormal, gatenzaag en maatvoering van het specifieke product.

Wat is makkelijker?

Een boormodel heeft als voordeel dat je de regenpijp niet volledig hoeft door te zagen. Dat kan aantrekkelijk zijn als de bestaande regenpijp netjes gemonteerd zit en je deze zo veel mogelijk intact wilt laten.

Een tussenmodel is eveneens goed zelf te monteren, maar vraagt nauwkeuriger zaagwerk. Welke methode makkelijker is, hangt daarom vooral af van je regenpijp en de gekozen vulautomaat.


Kun je de regenpijp rechtstreeks in de regenton laten lopen?

Dat kan, maar dan heb je geen automatische afvoer via de vulautomaat. Je moet in dat geval zelf regelen waar het water naartoe gaat wanneer de regenton vol is.

Een mogelijkheid is een overloopopening boven in de ton met een slang naar de tuin. Milieu Centraal noemt bijvoorbeeld een slang waarmee overtollig water naar de tuin of een wadi kan worden geleid.

Zorg dat de tuin deze hoeveelheid water daadwerkelijk kan verwerken. Bij een zware bui komt er veel meer water van een dak dan één regenton kan opslaan.

Rekenvoorbeeld

Stel dat 10 millimeter regen op een dakoppervlak van 50 m² valt. Eén millimeter neerslag op één vierkante meter staat gelijk aan ongeveer één liter water.

Er valt dan in theorie:

10 × 50 = 500 liter regenwater

Een regenton van 200 liter kan die hoeveelheid niet volledig opslaan. Een goede afvoer voor het overtollige water blijft daarom belangrijk.


Regenton aansluiten op een zinken regenpijp

Ook bij een zinken regenpijp kun je in bepaalde gevallen een vulautomaat gebruiken. Controleer wel expliciet of het gekozen model geschikt is voor het materiaal en de diameter van jouw regenpijp.

Er bestaan bijvoorbeeld vulautomaten waarbij een opening met een meegeleverde kroonboor wordt gemaakt. Een dergelijk systeem kan geschikt zijn voor verschillende soorten regenpijpen, maar volg altijd de specifieke producthandleiding.

Gebruik bij metaal bovendien gereedschap dat daarvoor geschikt is. De werkwijze van een kunststof regenpijp moet je niet automatisch één op één overnemen bij zink.


Veelgemaakte fouten bij het aansluiten

De montage zelf is niet bijzonder ingewikkeld. Toch kunnen kleine meet- en montagefouten ervoor zorgen dat de regenton slecht vult of juist overloopt.

Veelgemaakte foutMogelijk gevolg
Verkeerde vulautomaat gekochtPast niet op de regenpijp
Eerst zagen en daarna metenAansluiting komt op verkeerde hoogte
Ton niet waterpas geplaatstWaterniveau klopt niet met aansluiting
Instroom te hoog of laagOverloopfunctie werkt mogelijk niet goed
Te veel regenpijp wegzagenVulautomaat past niet meer netjes
Slang sterk omhoog laten lopenWater stroomt moeilijker naar de ton
Ton op zachte ondergrond zettenRegenton kan verzakken
Geen overloop bij directe aansluitingVolle ton kan overstromen
Geen deksel gebruikenVuil en insecten kunnen makkelijker in het water komen

Meet daarom liever één keer extra voordat je de regenpijp doorzaagt. Vooral de hoogte en de maat van de uitsparing zijn achteraf niet eenvoudig te herstellen.


Vergeet onderhoud niet

Controleer gedurende het jaar of bladeren en ander vuil zich rond de vulautomaat ophopen. Een model met filter of aparte bladvanger kan helpen om grover vuil tegen te houden, maar ook zo’n systeem moet af en toe worden gecontroleerd.

Houd de regenton daarnaast afgesloten met een deksel. Milieu Centraal adviseert dit onder andere om overlast van muggen te voorkomen.

Wat doe je met de regenton in de winter?

Water zet uit wanneer het bevriest en kan daardoor schade veroorzaken. Wat je precies moet doen verschilt per regenton en vulautomaat, dus controleer hiervoor ook de voorschriften van de fabrikant.

Milieu Centraal adviseert in zijn stappenplan om de regenton voor de winter leeg te maken en de vulautomaat zo in te stellen dat water naar de tuin of het riool wordt afgevoerd. Ook het kraantje kan bescherming tegen vorst nodig hebben.


Zo is je regenton klaar voor de eerste regenbui

Een regenton aansluiten op de regenpijp is goed zelf te doen als je vooraf nauwkeurig meet. Zet de ton eerst op zijn definitieve plek, bepaal daarna de hoogte van de vulopening en monteer pas vervolgens de passende vulautomaat.

Controleer na de montage altijd met water of de aansluiting goed werkt en nergens lekt. Als de ton stabiel en waterpas staat en overtollig water veilig kan worden afgevoerd, kun je de volgende regenbui gebruiken om de regenton automatisch te vullen.

Gerelateerd




Woon-Platform.nl

Simon

De redactie van Woon-Platform bestaat uit een team met een passie voor wonen, interieur en tuin. Samen zoeken we elke week naar de mooiste woontrends, handige klustips en leuke verhalen, om jou te inspireren in en om je huis.